header nieuws

19 januari 2012

Middenveld is de hoop van Israël

 

Tijdens het tweedaagse werkbezoek van de Israëlische premier Netanyahu deze week aan Nederland staan gesprekken met koningin Beatrix, premier Rutte, de ministers Rosenthal en Verhagen en een bezoek aan de Tweede Kamer op het programma. Ongetwijfeld wordt er gesproken over de hechte band tussen Nederland en Israël en over het vredesproces in het Midden-Oosten. Terwijl economische banden worden aangehaald bestaat het risico dat men met een grote boog om de mensenrechten heen loopt. De Nederlandse regering moet deze gelegenheid aangrijpen om haar zorgen uit te spreken over de recente stappen die Israël heeft genomen om Israëlische mensenrechten – en vredesorganisaties in diskrediet te brengen.


Ondanks het schenden van de rechten van Palestijnen door de decennialange bezetting is Israël een liberaal land voor maatschappelijke organisaties. Deze vrijheid staat nu onder zware druk. Sinds de Israëlische militaire operatie in Gaza, eind 2008, kampen Israëlische mensenrechtenorganisaties met een toenemende kritiek van hun regering en van rechtse organisaties die hen zelfs beschuldigen van verraad. Kritiek uit de Israëlische samenleving wordt niet langer geaccepteerd door de regering. Dat Israëlische organisaties als zondebok gezien worden wegens hun kritiek op mensenrechtenschendingen is zeer verontrustend. Het is daarom teleurstellend dat bevriende naties zoals Nederland zich veel te weinig publiekelijk uitspreken tegen deze duidelijke inperking van het werk van mensenrechten- en vredesorganisaties.

 

Minister Rosenthal wil de Israëlische regering niet op de omstreden wetgeving of illegitieme acties aanspreken omdat de bevolking altijd nog naar het Hooggerechtshof kan stappen in geval van wetten of beslissingen die tegen de grondrechten ingaan. Dat stelde minister Rosenthal het afgelopen jaar herhaaldelijk als antwoord op Kamervragen van diverse partijen over dit onderwerp. De minister was ongelukkig met de nieuwe wetten, maar vertrouwde op de democratische kracht van het Hooggerechtshof. Echter, het Israëlische Hooggerechtshof heeft begin januari een klacht afgewezen van burgers die protesteren tegen een wet, aangenomen door de Knesset in maart 2011. Deze wet sanctioneert organisaties die Israël niet als puur joodse staat zien of die de massale vlucht van Palestijnen in de oorlog van 1948 herdenken als rouwdag. Ze riskeren te worden beboet of gekort op subsidies of andere vormen van financiering.

 

Zolang het Hooggerechtshof de grondbeginselen van de democratie respecteert, hoeft naar het oordeel van minister Rosenthal Nederland de Israëlische regering niet rechtstreeks en bilateraal te wijzen op zorgwekkende of ondemocratische ontwikkelingen. Nu wordt duidelijk dat dit vonnis van het Hooggerechtshof geen goed doet aan het democratische proces in Israël. Dat is een zeer ongemakkelijke ontwikkeling in het licht van de vele wetsvoorstellen in de Knesset die beperkingen stellen aan democratische mogelijkheden van kritische organisaties en die nog ter toetsing aan het Hooggerechtshof kunnen worden voorgelegd.

 

Het bezoek van premier Netanyahu is een goede aanleiding voor de Nederlandse regering om openlijk afstand te nemen van deze ondemocratische trend die steeds sterker wordt. De Nederlandse regering moet haar zorg uiten over de aantasting van democratische waarden en de vrijheid van meningsuiting door de Israëlische regering.

 

Na decennia van uitputtende vredesbesprekingen ondermijnen ook deze ontwikkelingen de kans op vrede. Daarnaast zijn anderhalf miljoen burgers in Gaza de afgelopen jaren door een strenge Israëlische blokkade nog steeds bijna geheel afgesneden van de rest van de wereld. De bouw van joodse nederzettingen op de Westelijke Jordaanoever gaat onverminderd door. Al deze ontwikkelingen bedreigen de stichting van een levensvatbare Palestijnse staat naast Israël. De nieuwe wetten bedreigen het geroemde liberale karakter van Israël.

 

Een krachtig en effectief maatschappelijk middenveld, dat schendingen van de mensenrechten en het internationaal recht documenteert, is een van de belangrijkste bronnen van hoop voor vrede in de regio. Deze stem mag niet tot zwijgen gebracht worden. Daarom moet de Nederlandse regering, maar ook de Tweede Kamer, een beroep doen op premier Netanyahu om de maatschappelijke organisaties in Israël vrij te laten opereren. Zoals dat normaal is in democratisch landen. 
 
Farah Karimi

 

Farah Karimi is algemeen directeur van Oxfam Novib en voorzitter van United Civilians for Peace, een samenwerkingsverband van Cordaid, ICCO, IKV Pax Christi en Oxfam Novib. Het samenwerkingsverband wil bijdragen aan een oplossing voor het Israëlisch-Palestijns conflict conform het internationaal recht. 

 

Klik hier om het artikel te lezen zoals dit is geplaatst in het Nederlands Dagblad (PDF).