23 april 2012

Khader, Hana, Mohammad en Uri

Honderden Palestijnse gevangenen in Israëlische gevangenissen zijn vorige week in hongerstaking gegaan ter gelegenheid van de jaarlijkse 'Dag van de gevangenen'. Uit protest tegen de omstandigheden waaronder ze gevangen zitten. Uit protest tegen een Israëlische wet die het mogelijk maakt gevangenen zonder aanklacht en zonder uitzicht op een proces vast te houden. "Israël moet worden gewezen op de noodzaak om zo veel mogelijk zaken naar de rechter te brengen", aldus minister Rosenthal. Maar dat gebeurt dus niet.

 

De massale hongerstaking volgt op de recente hongerstakingen van Khader Adnan en Hana Shalabi. Khader Adnan beëindigde een hongerstaking van 66 dagen nadat hem beloofd was dat hij op 17 april vrijgelaten wordt. Hij protesteerde tegen zijn opsluiting zonder aanklacht of proces door de Israëlische autoriteiten. Hij is vrijgelaten.

 

Hana Shalabi werd 16 februari opgepakt. Eind vorig jaar was zij na twee jaar detentie vrijgelaten als onderdeel van de gevangenenruil met de Israëlische soldaat Gilad Shalit. Hana is opnieuw in administratieve detentie en opgesloten in een isoleercel. Uit protest weigerde zij 43 dagen alle voedsel. Zij beëindigde haar hongerstaking op 29 maart na een afspraak met Israël waarbij zij voor drie jaar naar Gaza werd verbannen.

 

Administratieve detentie is een opsluiting zonder proces, bedoeld om te voorkomen dat een persoon een daad verricht die de openbare veiligheid in gevaar brengt. 320 gevangenen zijn administratief aangehouden. Israël handelt hiermee in strijd met een reeks internationale verdragen die zij zelf heeft ondertekend. Volgens mensenrechtenorganisatie B’Tselem is een dergelijke detentie problematisch, omdat administratieve detentie niet bedoeld is om iemand te straffen voor een begane overtreding, maar om toekomstig gevaar te voorkomen. De gevangenen worden niet geïnformeerd over de precieze aanklacht en het bewijs dat aan de basis van die aanklacht ligt. Ze zitten onredelijk lang in gevangenschap en lopen het risico gemarteld te worden. Gedetineerden kunnen worden vastgehouden zonder aanklacht of proces voor een periode tot zes maanden die onbeperkt hernieuwd kan worden. Onder deze procedure wordt het recht van gedetineerden op een vrij en eerlijk proces, zoals gewaarborgd onder internationaal recht, geschonden.

 

Mohammad Othman was jeugdcoördinator bij Stop the Wall, een Palestijnse campagne die geweldloos verzet organiseert tegen de muur. Op 22 september 2009 arresteerden Israëlische soldaten hem bij Allenby Bridge, de grensovergang tussen Jordanië en de Westbank. Op 13 januari 2010, na 113 dagen opsluiting, is hij vrijgelaten. Mohammad: “Ik heb het gezicht gezien van mijn bezetter. Een deel van mij is kapot gemarteld. Zelfs in mijn eigen huis of op kantoor durf ik amper nog mensen te spreken. Elke mail die ik stuur, elke stap die ik zet, alles wordt gevolgd. Niets belet Israël om mij morgen weer op te pakken.”

 

Amnesty International, Human Rights Watch, het VN Comité tegen Marteling, wijzen er allang op dat administratieve detentie een onwettige maatregel is. UCP met haar Israëlische en Palestijnse partners lobbyen, voeren campagne en roepen Israël op om onmiddellijk een einde te maken aan het gebruik van administratieve detentie.

 

Nu minister Rosenthal nog.

 

 

Annick van Lookeren Campagne

Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.